Twee toepassingen van lagen in Photoshop

Als je net een begin maakt met Photoshop, wordt je er misschien gek van: lagen. Maar ze zijn enorm handig. Écht waar.

In bijna iedere toepassing van Photoshop moet je wel een nieuwe laag aanmaken. Wanneer je een tutorial leest of kijkt, kom je het ook vanzelf tegen: maak een nieuwe laag aan. Je hebt het lagen venster aan de rechterkant van je scherm vast al eens gezien, maar wat kun je ermee? We leggen twee veelgebruikte toepassingen uit van lagen in Photoshop.

laag, lagen, Photoshop, bewerking

Lagen in Photoshop

We bespreken de verschillende dingen die je met lagen kunt doen in Photoshop. Omdat we ervan uit gaan dat je nog niet zoveel ervaring hebt met bewerking, houden we het eenvoudig. Je kunt met lagen nog veel meer doen, maar in de basis zijn deze bewerkingen het meest voorkomend. Hoe je het precies doet, kan iets afwijken afhankelijk van jouw versie van Photoshop.

Veel voorkomend gebruik van lagen

Min of meer de meest voorkomende toepassingen voor lagen zijn:

  • Overvloeien van belichting (exposure blending)
  • Aanpassingen aan een specifiek deel van de foto
  • Speciale technieken (hier gaan we nu niet op in, elke speciale techniek verdient een eigen artikel)
cursussen, online cursus fotografie

Overvloeien van belichting

Soms heeft de camera problemen heeft om zowel de lucht als de voorgrond goed belicht te krijgen. Het contrastverschil tussen de felle lucht en de donkere voorgrond is dan te groot. Dit resulteert meestal in een te donkere voorgrond of een uitgebrande lucht. Door handmatig twee foto’s samen te voegen kun je beide details (in licht en in donker) goed in beeld krijgen. Meestal maak je gebruik van slechts twee beelden, waarbij je de eerste foto goed belicht voor de hooglichten en er dus voor zorgt dat het histogram niet raakt aan de rechterkant. Vervolgens maak je een tweede foto voor de schaduwen en let je erop dat het histogram niet raakt aan de linkerkant. Je doet dit door twee verschillende lagen van de foto’s te maken, die je onder elkaar zet. Je kunt nu delen van de bovenste foto verwijderen met de gum. Op die delen die je weggumt, komt de onderste foto tevoorschijn. Je kunt de instellingen van je gum of penseel veranderen, bijvoorbeeld de dekking (opacity).

Plaatselijke aanpassingen met lagen

Soms is er net een deel van de foto die je wel wat lichter of donkerder wil maken, of waar het contrast best iets sterker zou mogen zijn, of je wil bijvoorbeeld de kleurtemperatuur alleen op het gezicht van iemand wat aanpassen. Je kunt in Photoshop plaatselijk aanpassingen maken, met behulp van lagen. Dit doe je door eerst de originele foto te kopiëren in een nieuwe laag. De foto in de onderste laag pas je aan, waarbij je je alleen richt op het deel dat je wil aanpassen. De contrast/witbalans/helderheid verandert in de hele foto, maar dat negeer je. Maak de delen die je wilde aanpassen naar wens. Nu zet je de onbewerkte laag bovenop de aangepaste laag, en gum je de delen die je wil aanpassen. Zo komen de bewerkte delen tevoorschijn, alleen waar je gumt.

laag, lagen, Photoshop, bewerking

Er zijn tal van speciale technieken die je kunt gebruiken in Photoshop, en waar lagen bij van pas komen. Voor nu kun je aan de slag met deze twee toepassingen. Succes!

Meer Photoshop? Lees:
Het verschil tussen Lightroom en Photoshop
Een kleur veranderen in Photoshop
Tilt-shift lens: miniatuureffect nabootsen in Photoshop