Kun je bewogen foto’s corrigeren? Jazeker, in Photoshop!

Wanneer een foto ‘bewogen’ is, is er bewegingsonscherpte opgetreden. Dan is je foto in principe mislukt. Toch kun je je bewogen foto nog best wel verbeteren.

De meeste fotografen zeggen: een onscherpe foto is een mislukte foto. Maar wat als je nu net een te gek moment hebt gefotografeerd, en er is bewegingsonscherpte opgetreden? Goed nieuws: je kunt je bewogen foto’s corrigeren en deze is nog best te redden! Misschien niet om aan klanten te verkopen of om uitvergroot in te lijsten, maar wel om een dierbare herinnering te bewaren.

Bewogen foto’s corrigeren: begrijp bewegingsonscherpte

Bewegingsonscherpte wordt veroorzaakt door een (te) lange sluitertijd. Doordat de sluiter iets langer open staat, ga je beweging in de foto zien, als onscherpte. Dat kan beweging zijn van een onderwerp, bijvoorbeeld een snel bewegend dier of auto. Maar het kan ook van je hand zijn, door kleine trillingen wanneer je geen statief gebruikt. Bij hele lange sluitertijden zie je heel veel beweging. Soms gewenst (veel fotografen fotograferen graag bewegend water met lange sluitertijden), vaak ook ongewenst.

Bewogen foto’s corrigeren in Photoshop

Je kunt dit doen in Photoshop.  We leggen je uit hoe, in drie redelijk eenvoudige stappen.

1. Richting van de beweging bepalen

Als je een foto hebt die onscherp is aan de randen en je wilt dit aanpakken, is het belangrijk om sterk in te zoomen. Zo kun je beter zien wat de situatie precies is, en in welke kant de beweging (en dus de bewegingsonscherpte) heeft plaatsgevonden.
Om de richting te bepalen klik je met je rechtermuisknop op het pipet, en selecteer het liniaal gereedschap. Sterk ingezoomd kun je aan de rand van je onderwerp zien welke richting de beweging opging. Klik ergens in de foto en trek met de liniaal een lijn, totdat deze parallel loopt aan de richting van de beweging. Bovenin het scherm kun je nu de hoek aflezen: noteer deze.

2. Bepaal de mate van bewegingsonscherpte

Gebruik dezelfde liniaal tool vervolgen om de mate van onscherpte te bepalen. Klik op de onscherpheid; vaak kun je zien waar het onderwerp was toen de sluiter open ging en de beweging die het maakte totdat de sluiter sloot. Klik aan het begin van de bewegingsonscherpte en eindig op het einde. Dit moet uiteraard ook sterk ingezoomd gebeuren, om nauwkeurig te werken. Bovenin (waar je ook de hoek vond) kun je nu het aantal pixels aflezen: de mate van bewegingsonscherpte.

bewogen foto's, bewegingsonscherpte, sluitertijd, onscherp

3. Je bewogen foto verscherpen

Zorg dat de achtergrondlaag geselecteerd is en maak een kopie (CTRL+J). Maak er een slim object van, zodat je de waarden later nog kunt bijstellen. Ga vervolgens naar filter > verscherpen > slim verscherpen. In het venster selecteer je bij ‘bewegingsonscherpte’, onder het kopje ‘verwijder’. Vervolgens voer je hier de eerder gemeten waarden in, hoek en radius. Met de andere waarden kun je een beetje spelen om te kijken wat je het mooist vindt. Eventueel kun je de schaduwen verzachten in het schaduwen/hooglichten gedeelte, als dit voor je foto nodig is. Houd af en toe de rest van de foto ook goed in de gaten. Waarschijnlijk richt je je vooral op de randen, maar de aanpassingen kunnen invloed hebben op andere delen. Die wellicht al scherp waren. Pas de verscherping eventueel alleen toe op de randen, door met het penseel over deze delen te gaan (selecteer wit als voorgrondkleur).

Als het goed is zijn de randen van het onderwerp nu veel scherper. Het streven van elke fotograaf blijft altijd een scherpe foto, maar zo kunnen we onze persoonlijke pareltjes toch acceptabel maken. Zo kun je gelukkig je bewogen foto’s corrigeren tot een prima resultaat.

Lekker aan de slag met Photoshop? Lees dan ook eens: Hoe maak je de beste zwart-wit foto, in Photoshop?