Panning: de scherpte ‘meetrekken’ bij een bewegend onderwerp

Je kunt te gekke dingen doen met bewegingsonscherpte. Eén ervan is panning: de scherpte meetrekken met een bewegend onderwerp.

‘Panning’ (spreek uit penning) is een techniek die je kunt gebruiken bij bewegende onderwerpen. Het is bewuste bewegingsonscherpte, meestal gebruikt om de snelheid van een onderwerp te benadrukken. Panning is als het ware de scherpte ‘meetrekken’ met het onderwerp. Het is niet ingewikkeld, wel een kwestie van oefenen. We leggen het uit

cursus, online fotografie cursus, belichtingsdriehoek, ISO, diafragma, sluitertijd

Bewust bewegingsonscherpte door panning

Je zet je sluitertijd iets langzamer, want een snelle sluitertijd ‘bevriest’ de scène. En dat is juist niet wat je wilt. Panning is eigenlijk het ‘meetrekken’ van de camera met de beweging. Het gaat het beste als de beweging van rechts naar links of van links naar rechts gaat. Zeker als je een statief gebruikt, wat is aan te raden voor hele snelle objecten zoals auto’s. De horizontale beweging is met elke statiefkop gemakkelijk te maken.

Panning: de scherpte ‘meetrekken’ bij een bewegend onderwerp

Panning werkt voornamelijk goed als je weet waar je onderwerp naartoe gaat (de baan die hij/zij aflegt), en dat een redelijk rechte lijn is. Heen en weer bewegende onderwerpen zijn veel lastiger, want de lijnen in je onscherpe achtergrond zijn op die manier niet recht, wat rommelig kan worden.

panning, bewegingsonscherpte, sluitertijd

Welke instellingen kies je

Voor een goede panning foto, waarbij de scherpte gaat meetrekken, kun je de sluitertijd het beste iets lager zetten dan je normaal zou doen. Begin bijvoorbeeld met 1/30 sec of lager. Waar je op uitkomt is natuurlijk sterk afhankelijk van het licht en de snelheid van je onderwerp, maar bij een te lage sluitertijd heb je meer kans op camerabeweging in de foto.

Denk er goed over na waar je jezelf opstelt. Voor de hele beweging heb je een vrij shot nodig, wat bij een groot evenement vaak niet eenvoudig is. De achtergrond kan het beste zo rustig mogelijk zijn. Je wil zoveel mogelijk parallel aan het onderwerp staan.

Klaar om te ‘pannen’

Volg je onderwerp in een zo vloeiend mogelijke beweging. Voor een lange lens is een statief noodzakelijk; sowieso geeft dit de mooiste resultaten. Draai de kop of de schroef voor de horizontale as los tot de beweging voor jou goed voelt; je wil niet te hard hoeven duwen.
Als je camera autofocus tracking (AF-C) heeft, gebruik dat dan. Niet alle camera’s hebben dit en ook niet bij alle camera’s reageert het objectief snel genoeg, maar het kan een handige tool zijn die je kostbare tijd bespaart.
Druk uiteraard zo rustig mogelijk af, om kleine bewegingen van de camera te vermijden.
Heb je een oudere camera waarbij wat vertraging optreedt tussen het afdrukken en het daadwerkelijke sluiten van de sluiter? Calculeer dit dan in door eerder af te drukken.

panning, bewegingsonscherpte, sluitertijd

Oefenen

Wanneer je het pannen nog niet volledig onder de knie hebt, kan het frustrerend zijn. Je onderwerp is immers vrij snel weg, waardoor je weer een nieuwe positie of een nieuw onderwerp moet kiezen om het opnieuw te proberen. Doe je het voor het eerst, neem dan ook wat foto’s met een lage sluitertijd zodat je niet alleen met onscherpe foto’s thuiskomt.

Uiteindelijk veel mooie sportfoto’s zijn op deze manier gemaakt, dus het is de moeite om er wat tijd in te investeren en panning goed onder de knie te krijgen.