Sportfotografie, zo doe je dat

Sportfotografie is één van de grotere uitdagingen in de fotografie, omdat je te maken hebt met een (of meerdere) bewegend onderwerp.

Bovendien heb je de lichtomstandigheden vaak niet in de hand, en kun je vaak niet veel regisseren; je bent er immers om te registreren. Met deze tips ga je voorbereid op pad, en kom je met mooie sportfoto’s thuis.

sport, sportfotografie

Kies de juiste sluitertijd bij sportfotografie

Als je een sport evenement of wedstrijd wil vastleggen, heb je meestal met bewegende onderwerpen te maken. Bewegende onderwerpen kun je ‘bevriezen’ in de foto, of je kunt bewust bewegingsonscherpte in je foto opnemen. Hiermee kun je bijvoorbeeld ‘pannen’, om de beweging nog eens extra te benadrukken. Om een bewegend onderwerp te bevriezen heb je een korte sluitertijd nodig. Hoe snel is natuurlijk afhankelijk van het licht en de snelheid; een wielrenner heeft een kortere sluitertijd nodig dan een turnster.

Snel glas

Snel glas is een objectief met een grote maximale diafragma opening. Het wordt snel glas genoemd, omdat je dankzij het grote diafragma, dat meer licht binnenlaat, een kortere sluitertijd kunt kiezen en nog steeds voldoende lichtopbrengst hebt. Hierdoor kun je ook bij iets minder omgevingslicht je sporter nog ‘bevriezen’. Snel glas is dan ook een aanrader voor sportfotografie.

Objectief met lange brandpuntsafstand voor sportfotografie

In veel gevallen kun je bij sportfotografie, zeker bij evenementen, niet zo heel dichtbij komen. Een ‘lange lens’, een objectief met lange brandpuntsafstand waarbij je het onderwerp gemakkelijk dichterbij kunt halen, is dan geen overbodige luxe. Anders wordt je foto een zoekplaatje, en dat maakt het ook niet makkelijk om op het juiste punt scherp te stellen.

Wees niet bang voor hoge ISO

ISO bepaalt eigenlijk de lichtgevoeligheid van je camera; de ISO maakt het mogelijk om zowel in fel daglicht als in een donkere ruimte foto’s te maken. Het verhogen van de ISO heeft wel consequenties: er kan ruis in je foto ontstaan. Camera’s (en sensors) worden steeds beter, dus het gevaar van ruis is al veel minder groot dan een aantal jaar geleden. Maar het ligt nog steeds op de loer. Hoe lager de ISO, hoe minder ruis. In hallen zal de lichtopbrengst hoogstwaarschijnlijk echter beperkt zijn.

sport, sportfotografie

Goede autofocus modus

Zorg dat je de autofocus van je camera en objectief, en de verschillende manieren waarop je autofocus kunt gebruiken, goed onder de knie hebt. Vaak heb je niet veel tijd om met je camera te rommelen, want voor je het weet mis je een moment. Voor bewegende onderwerpen is continue autofocus meestal aan te raden.

Fotografeer de warming up of training

Omdat je tijdens een wedstrijd als fotograaf niet in de weg kunt lopen, en slechts kunt registreren wat er gebeurt, ben je soms wat beperkt. Kom eens wat eerder en probeer te fotograferen tijdens de warming up, of een andere keer tijdens een training. Op die manier is er meer tijd voor jou en kun je je op gemakkelijker tussen de sporters begeven.